Liefde voor het vak.

Bij de Reeuwijkse plassen, naast de surfplas, staat een horecagelegenheid die veel mensen uit deze omgeving wel kennen. In de tijden voor Corona was het er vaak druk en zeker in de zomermaanden stroomde het terras vaak vol.

Ook met mijn jongste zoon heb ik er wel eens wat gegeten en gedronken. Met een glimlach dacht ik eraan terug. Het was een hele fijne middag geweest. Hij was toen juist gestart bij het logeerhuis ‘De Klimroos,’ in Vlaardingen en had heel erg tegen de eerste keer opgezien na een minder goede ervaring. Maar hij was blij en enthousiast toen ik hem afhaalde en wilde die middag zelfs nog fietsen. ‘Doen!’ schreef mijn man kort en krachtig terug toen ik hem een berichtje stuurde over het ongeplande bezoek aan het restaurant. Wetende dat dit soort dingen alleen maar één op één lukte bij mijn zoon, bleef hij rustig thuis. Samen vierden mijn zoon en ik het succesvolle logeren met frietjes en chocolademelk voor hem en een pannenkoek en vers sinaasappelsap voor mij.

Een tijdje geleden zag ik dat er een patatkraam naast het restaurant, was verschenen. Peinzend bekeek ik het geheel, nieuwsgierig hoe de uitbaters van het restaurant deze, tijdelijke, carrièreswitch zouden invullen. Er stond al één oudere dame te wachten op haar bestelling en ik besloot om ook wat te bestellen. Keurig op anderhalve meter natuurlijk, zodat de wind vat kreeg op ons gesprekje en sommige woorden wegblies. Uit wat er van de woorden overbleef bleek dat de meneer in de kraam eerder als ober had gewerkt in het restaurant. Belangstellend keek ik toe hoe hij de frietjes bakte, liet uitlekken en vervolgens in de bakjes schudde. Dat ging allemaal prima, tot zowel de eerste klant als ikzelf een zakje eromheen vroegen. De andere mevrouw om te voorkomen dat haar frietjes weg zouden waaien, zoals eerder haar woorden, want ze wilde haar aankoop in de auto opeten die verderop stond. Zelf leek het me wel leuk om mijn ongezonde hap aan het water op de te eten, natuurlijk in de hoop dat de frisse lucht het ongezonde ervan zou compenseren.

Maar probeer maar eens in de wind een papieren zakje om een bakje frietjes te schuiven. Dat viel nog niet mee. Moedeloos gaf de tijdelijke patatbakker het op en gaf ons het zakje en de friet apart in onze handen. Op de één of andere manier vond ik het wel vertederend.

Op een rustig plekje aan het water met het uitzicht op een groep windsurfers die al naar gelang hun ervaring over het water scheerden, dan wel kopje onder gingen, keurde ik mijn aankoop. De smaak was matig naar mijn oordeel. Ik mistte er iets aan, een onmisbaar ingrediënt.

Liefde… je kon merken dat de frietjes zonder liefde waren gebakken. Meestal staan we er niet zo bij stil, denk ik . Maar liefde is blijkbaar een praktische, onmisbare smaakmaker.

Om het plaatje compleet te maken, een paar dagen later bij de groenteman, was één van de medewerksters fruitsalades aan het klaarmaken. ‘Dat ziet er leuk uit, wat een leuke schaaltjes,’ merkte ik op. Stralend knikte ze me toe, ‘daar doe ik het voor, geeft me een goed gevoel als ik er zorg en aandacht aan besteed.’

Je doet het met liefde,’ flapte ik eruit. ‘Precies,’ lachte ze.

Sammie

Onze nieuwe ‘tijdelijke’ huisgenoot Sammie. Voor hij naar mijn schoonouders verhuist logeert hij bij ons.

Vandaag opgehaald en zo’n nieuwe omgeving vol geurtjes en twee andere katten is heel erg vermoeiend. Tijd voor een schoonheidsslaapje.

Update Woensdag 6 mei. Yoda en Luke bekijken de handvol kitten alsof er ineens een olifant ons huis is binnengestapt. Bijzonder om te zien hoe iedere kat weer een eigen karakter heeft. Luke verdween naar boven en kwam heel af en toe voorzichtig om een hoekje kijken. Yoda durft wat meer risico’s te nemen. Misschien nog de verre herinnering aan de periode dat Luke als kitten binnenkwam? Wel blijft ook Yoda nog op gepaste afstand. De premier zou trots op de anderhalve meter samenleving zijn die zich hier op microformaat afspeelt.

Onze kleine gast nam een onverwachts cadeautje mee. Mijn jongste zoon wilde gisterenavond beeldbellen nadat ik hem wat foto’s had gestuurd. Hij zag Sammie en ook Yoda en Luke moesten even in beeld komen natuurlijk. Na een praatje maken met mijn wederhelft vertelde hij hoe eng hij het virus vindt en wilde weten of ik ook het idee heb dat het de goede kant opgaat. Het zou zo fijn zijn als hij weer bezoek kan krijgen. Want beeldbellen is niet hetzelfde als dat ik op bezoek kan komen. Ook niet onbelangrijk is dat hij wil laten zien hoe zijn nieuwste Zelda spel op de Switch eruit ziet. En verder is het boek van Marc Ter Horst Hé Aardbewoner erg leuk, er staat een mooi hoofdstuk in over vulkanen. Dat moet ik ook een keer met eigen ogen zien. En hij had een nieuwe rampenfilm ontdekt. Venom, een beetje horrorachtig, maar niet echt eng hoor. Ik kan best meekijken. Hierdoor gerustgesteld beloofde ik dat ik dat zeker een keer zou doen. Nu is het wel zo dat bij hem filmscènes anders binnenkomen dan bij mij, zodat hij Bambi een hele heftige film vindt en hij rustig en koelbloedig naar, voor mij, hele enge films kijkt. Dus ik hou nog een slag om mijn arm.

Na al het uitwisselen van beelden en informatie werd hij moe. ‘is het erg om te stoppen mama?’ Zo goed dat hij zijn grenzen aangeeft.

Dit was gewoon een prachtig, onverwachts cadeau…

Meebeleven.

Afgelopen twee avonden vrij drukke diensten gedraaid o.a door een sondevoedingsapparaat wat niet helemaal wilde doen wat de bedoeling was, ondanks het protocol wat ik netjes opvolgde. Waardoor ik meerdere malen terug moest fietsen naar het betreffende adres, wat zag ik over het hoofd? Mijn broodje peuzelde ik, tussen twee andere adressen in, snel tijdens het fietsen op. Niet dat het erg was, want deze week voelde ik me overvallen door een vreemd, treurig gevoel en kon ik bij het minste of geringste huilen. Zelfs de zorg aan de cliënten kon me niet opvrolijken, al denk ik niet dat ze dat merkten. Zij hebben hun eigen zorgen en verdriet. Pas bij de enthousiaste begroeting door de prachtige hond bij één van de cliënten, een kruising tussen een husky en een herder werd ik een beetje afgeleid en kletste ik opgewekt over deze hondenreus en de katten in dit vriendelijke chaotische huishouden. Hoe gezellig ook, het kostte me wel enige moeite om me te concentreren.

Met mijn zoons gaat het allebei goed, ook over mijn broer hoor ik goede berichten en eigenlijk neem ik mezelf mijn sombere stemming kwalijk. Maar ik mis gewoon mijn wekelijkse bezoek aan Elburg, de knuffel van mijn jongste zoon en het te gast zijn in zijn wereld.

Vroeger was mijn broer lid van de Jostiband als meebelever. Met hun tamboerijnen en sambaballen oefenden en speelden deze muzikanten op de achtergrond mee. In de pauze hielpen vrijwilligers hen met koffiedrinken en mijn moeder heeft dit vrijwilligerswerk ook lang met plezier gedaan. Bij mijn zoon heb ik altijd het gevoel dat ik de meebelever ben door zijn wereld binnen te stappen. We kijken samen film, of ik kijk mee met een spel, soms lees ik wat voor of we doen een activiteit. Maar dat werkt alleen als ik er aanwezig ben en dat lukt niet met een telefoontje of door beeldbellen. Tot dat laatste nam hij wel zelf initiatief met het interview in het vorige blog. Hij stuurde me eerst de vraag of het uitkwam (Goed hè, dat ik dat onthouden heb mama? Dat ik eerst moet vragen of je niet aan het werk bent) Eenmaal in beeld liet hij het interview vol trots zien.

Ik denk dat het gemis aan nabijheid iets is wat heel veel mensen in het verpleeghuis en hun familie en vrienden nu herkennen. Het lukt gewoon niet om via de telefoon en beeldbellen in hun wereld te stappen.

Doorgestuurde foto. Lekker uitwaaien met een begeleider en een andere jongere, niet in beeld.

Maar vandaag stapte ik ineens zelf een zonnige wereld binnen. Verbaasd besefte ik, dat ik zo in mezelf gekeerd was geweest, dat ik niet eens had gemerkt dat de zon volop scheen. Een beetje aarzelend, nog niet helemaal bereid om volop van de zon te genieten koos ik het fietspad door het park richting de supermarkt en besliste toen om ‘s middags een rondje Reeuwijkse plassen te fietsen.

En hoe zou je somber kunnen blijven bij het zien van de kleurenpacht onderweg, in de bermen? Of bij het zien van de wilde ganzen die met hun kuikens rondzwemmen in de beschutte sloot aan de rand van de plassen en door het gras struinen. Gevorderde en beginnende surfers genoten op hun manier van de wind en het water. Onderweg vond ik een rustig plekje om mijn brood op te eten, de stevige, frisse wind woei het brood bijna uit mijn handen maar het was heerlijk om wegdromen bij de wijde plassen. Alsof de grauwe mist die tussen mijzelf en de buitenwereld hing langzaam vervaagde. Ik moest denken aan vorig jaar toen mijn zoon nog tijdelijk werd opgevangen in een vakantiehuisje in Epe. Elke week wandelde ik ruim twintig minuten van de bushalte naar het vakantiepark. Soms werden mijn zintuigen overspoelt door de kleuren en door de bosgeur die heel anders is dan in ons polderlandschap. Het was eigenlijk heel gewoon om die dingen zo intens te beleven, af en toe trek ik me bewust een poosje terug om even te ‘resetten,’ van alle indrukken. Maar na de afgelopen dagen besef ik mooi het is om zo intens de kleuren op te kunnen nemen en het was echt afschuwelijk om in zo’n grauwe wereld te zitten. Hoe heftig moet het zijn om iemand van wie je houdt voor altijd te missen. Dit is immers tijdelijk. En ook voor mensen die familie met dementie niet op kunnen zoeken waarbij ze steeds meer vergeten tot je zelf geen deel meer uitmaakt van hun belevingswereld.

Ja, het gaat goed met mijn zoon. En ik weet dat het niet goed met hem zou gaan als hij nu thuis zou wonen. Want ook bij hem komt alles intens binnen. Geuren, geluiden en kleur, allebei raken we enorm uit balans als we aangewezen zijn op elkaars gezelschap en ik de energie mis om hem uit zijn wereldje te halen en de prikkelrijke buitenwereld in te gaan. Hoe mooi is het niet om dan de eerste foto te zien in deze blog waarbij hij vrolijk op een kleed in de zon ligt. Met zijn poppen, samen met een andere jongere van zijn woning.

Dit mengsel van wilde bloemen kwam ik tegen in Reeuwijkbrug. Er stond een bordje bij waarin gevraagd werd aan de gemeente of ze deze berm niet wilden maaien. Met dit mooie resultaat. Helaas hebben slakken veel van de opgekweekte bloemenzaadjes waar mijn man zoveel tijd en energie in had gestoken opgegeten. Vorig jaar stond onze tuin ook vol met een wilde bloemenmix.

Interview in Uwoon

Er stond een leuk interview in een woonmagazine met Caterva, de organisatie waar mijn zoon woont en begeleiding van krijgt. Ook een paar jongeren vertelden over deze bijzondere woonplek. Ismaël wilde wel samen met mij op de foto en vond het spannend maar ook leuk om geïnterviewd te worden. Samen met Ender natuurlijk, dat spreekt vanzelf.

Met toestemming van het UWOON magazine geplaatst op deze website.

https://www.uwoon.nl/uploads/tx_dddownload/2020-1_UWOON_magazine_april_2020.pdf

Rondje om de kerk

Het was vanmiddag erg rustig rond onze oude Sint Jan. Met ruimschoots anderhalve meter afstand kon ik op een bankje van het zonnetje genieten en later wat foto’s nemen. En nog even over een ontmoeting nadenken die ik daarvoor had gehad met een collega, die intramuraal werkt op een covid afdeling. We hebben vroeger jarenlang samengewerkt in de nachtdienst en konden altijd goed met elkaar praten. We glimlachen allebei als we aan die tijd terugdenken.
Verder ziet ze er moe uit, het werkt is zwaar, niet alleen door alle beschermende maatregelen maar ook door de eenzaamheid van haar cliënten. Dat ligt als een zware last op haar schouders. Ik kon niet veel doen, alleen maar luisteren, op anderhalve meter voelt dat luisteren toch anders, we maken een gebaar van omhelzen…

Vanaf het bankje keek ik direct op dit schilderachtige balkonnetje, erachter zit het museumrestaurant verscholen. Nu natuurlijk hermetisch gesloten evenals het museum zelf. Over de muur zie je nog net, als je goed kijkt, de gebroeders Crabeth staan. Net rechts van de boom. De Goudse glazeniers waar we het beroemde glas in lood aan te danken hebben kunnen zo mooi een oogje op hun levenswerk houden.

Het zonlicht is zo helder. Het doet een beetje onwerkelijk aan als je bedenkt dat de wereld op slot zit. Het spel van licht en schaduw op de Joodse begraafplaats leek dit te onderstrepen.

Achter de Joodse begraafplaats ligt de Groeneweg. Daar aan de gevel van de huidige Casimirschool hangt dit herdenkingsbord. Achter deze sobere woorden schuilt een heel drama.


Frits Stolk heeft er een zusje bijgekregen al speelde haar leven zich eeuwen geleden af. Geertje Dircx is dankzij het prachtige boek van Simone vd Vlugt uit de schaduw naar voren gekomen. Vroeger stond er een ander gebouw op deze plek. Het oude spinhuis. Het boek van Simone vd Vlugt is een aanrader als je hier meer over wilt weten. Als ik hierlangs fiets moet ik altijd even aan Geertje denken. Wat zal ze eenzaam zijn geweest. Een andere tijd, een andere eenzaamheid, maar toch…

https://www.amboanthos.nl/boek/schilderslief/

Meer dan anderhalve meter…

Afgelopen weekend besprak ik het nog optimistisch met mijn moeder. Dat mijn zoon zo weinig moeite lijkt te hebben met het feit dat ik niet langs kan komen. We vonden het allebei wel geruststellend ergens. Want ook ouders van kinderen en jongeren die extra zorg nodig hebben zijn niet onverwoestbaar. We kunnen ziek worden en zijn natuurlijk net zo goed sterfelijk als ieder ander mens. Het verwonderde me wel een beetje, dat hij zo weinig enthousiast was om FaceTime te gebruiken om even te praten over zijn spelletjes en andere dingen die hij meemaakt.

Gisteren stuurde de begeleiding een app. Dat de medicatie bijna op was en hoe we dat nu het beste konden regelen. Omdat praten makkelijker gaat dan hele verhalen appen (tenminste, voor mijn generatie) belde ik ze op. Aan beide kanten leek het ons het ideale moment om ook de apotheek over te schrijven naar Elburg. Eerder nam ik de medicijnen vanuit Gouda mee met de gedachte dat er vanzelf wel een moment zou komen om een apotheek in Elburg te zoeken. Dat moment was dus nu gekomen.

Terwijl we dat door de telefoon bespraken hoorde ik de stem van mijn zoon op de achtergrond in een verhitte discussie met een groepsgenoot. ‘Wil je zeggen dat … zich hier niet mee moet bemoeien, waarom belt mama? Is er iets aan de hand?’ Met zijn scherpe, overgevoelige gehoor had hij mijn stem herkent op afstand door de telefoon.

‘Nee hoor,’ antwoordde de begeleidster rustig, ‘je moeder belt om wat te bespreken over je medicijnen. Ik zal haar op de luidspreker zetten voor je.’

‘Nee, dat hoeft niet,’ weerde mijn zoon af. ‘Ik wil gewoon niet dat … zich overal mee bemoeid!’ Maar de luidspreker stond al aan. ‘Hoi,’zei ik, ‘hoe gaat het kerel?’

‘Goed hoor en met jullie?’

‘Ook prima,’ antwoordde ik, ‘vindt je het misschien fijn om te FaceTimen? Ik ben drie dagen vrij, het kan dan ook ‘s middags hoor.’

‘Liever niet mama,’ antwoordde hij, ‘ik ben dan zo bang dat ik je heel erg ga missen als we veel met elkaar praten.’

Dat kwam keihard binnen. Het lukte me nog mijn tranen in te houden met de luidspreker aan maar even later zat ik huilend aan de telefoon me te verontschuldigen dat ik echt niet durfde te komen omdat we een cliënt in de wijk hebben waarbij sterk het vermoeden is van een Coronabesmetting. En nog later huilde ik op de schouder van mijn man dat ik mijn zoon zo miste en dat we niet eens op de verjaardag van de vriendin van mijn andere zoon waren geweest. En dat ik mijn ouders zo miste en mijn broer en dat ik dat hele stomme Corona gedoe helemaal zat was!’ Ja, qua grammatica was het een warboel wat ik eruit gooide maar op de één of andere manier snapte mijn man het toch.

Toen dat eruit was en mijn man tot slot een heerlijke beker thee inschonk kwam ik weer aardig tot mezelf en regelde met de psychiater dat de recepten voortaan naar de apotheek in Elburg gestuurd zouden worden en las ondertussen het lieve berichtje van een vriendin die zelf ook mantelzorger is met wie ik het verhaal had gedeeld. Haar virtuele knuffel en herkenning deed zoveel goed, net als het latere telefoontje met mijn moeder die vertelde ook zelf wat tranen weg te pinken als ze met mijn broer belt. Dacht ook aan al die andere berichtjes die ik uitwissel met mijn vriendinnenkring en nichtjes waarbij we onze zorgen en verdriet delen. Ik hoop dat we dat behouden, ook als het virus verdwenen is.

‘Je wilde toch nog wat pakjes opsturen,’ vroeg mijn man? Laatst had ik twee grote dozen Merci ingeslagen en samen met de echte Goudse stroopwafels en paaseitjes wilde ik die naar de groep van mijn broer en die van mijn zoon sturen. Voor mijn zoon een plak Cote d’or chocolade erbij, want andere lust hij eigenlijk niet. En voor mijn broer een gelamineerde foto van hemzelf bij de molen. Het gaf rust om daarmee bezig te zijn. Ik bracht ze gelijk naar het postpunt in het winkelcentrum waar de medewerkster vriendelijk en zorgvuldig nog even een extra plakband om de pakjes wikkelde. ‘Het is niet te geloven hoeveel pakjes er worden gestuurd,’ vertelde ze. ‘Ikzelf ook hoor, mijn tweeling neefjes waren van de week jarig en om ze toch een feestelijk gevoel te geven heb ik ook maar een pakje verstuurd.’

In gedachten zie ik haar tweeling neefjes aandachtig hun pakjes openmaken.en toch weer met een glimlach loop ik de winkel uit.

Go to the limits of your longing

by Rainer Maria Rilke

God speaks to each of us as he makes us,
then walks with us silently out of the night.

These are the words we dimly hear:

You, sent out beyond your recall,
go to the limits of your longing.
Embody me.

Flare up like a flame
and make big shadows I can move in.

Let everything happen to you: beauty and terror.
Just keep going. No feeling is final.
Don’t let yourself lose me.

Nearby is the country they call life.
You will know it by its seriousness.

Give me your hand.

Liefde in tijden van…

Geen cholera, zoals de titel luidt van het bekende boek van Márquez. En ook niet de pest, zoals in het gelijknamige boek wat ik nu aan het lezen ben van Albert Camus. Ik vermoed wel dat Corona ook wat schrijvers zal inspireren net zoals de pest dat deed en cholera of de Spaanse griep.

Vanbinnen voel ik iets schrijnen. Heimwee naar mijn zoon. Nu al, terwijl ik denk dat we de heftigste piek nog moeten krijgen. In tegenstelling tot de situatie bij mijn broer waarbij de instelling zelf de deuren op slot deed heb ik bij mijn zoon die beslissing zelf genomen. Zowel uit de verantwoordelijkheid die ik voel naar hem toe, zijn groepsgenoten en de begeleiding als ook naar mijn werk met een hele kwetsbare doelgroep in de thuiszorg.

Bovenstaande foto stuurde een begeleider mij vandaag. Ben er heel blij mee maar moest ook even een traan wegvegen, zouden de stoere ouders, broers en zussen die ik op tv contact zie leggen met hun gehandicapte kind, broer of zus ook stiekem huilen als niemand het ziet? Zou zo graag even een knuffel geven. Elke dag stuur ik even een berichtje via FaceTime en hebben een keer FaceTime gebruikt om te bellen. Het is fijn dat deze communicatie mogelijkheden er zijn en dat mijn zoon het begrijpt. Hij geeft niets om zijn telefoon maar hij gebruikt regelmatig zijn Ipad en ziet dan vanzelf mijn berichtjes verschijnen. Verder weet ik dat hij veel heeft aan de begeleiding en aan zijn gamefiguren van pluche die voor hem een heel belangrijk onderdeel van zijn wereld vormen. Kan me nog herinneren dat hij in 2016, toen hij voor een half jaar intern op een behandelplek zat hij de eerste week elke dag huilend of boos aan de telefoon kwam. Dat was behoorlijk heftig. Later trok dit bij gelukkig. De overgang van huis naar deze organisatie is erg soepel verlopen. Mede doordat hij begon met vierentwintig uur per dag één op één begeleiding.

Ook met mijn broer gaan het redelijk, hij begrijpt het veel moeizamer en dat onze ouders niet meer elke week op bezoek kunnen komen was een enorme inbreuk op zijn structuur. Nu sturen we kaarten en pakjes. Net als naar mijn zoon. Voor mijn broer af en toe een cd en naar mijn zoon is een pakje onderweg met een pluche figuurtje van Minecraft en een boek in hetzelfde thema. Hij weet het niet, dan levert het ook geen spanningen op als de zending vertraagt is. Dat pluchefiguurtje kon ik niet laten al is zijn huidige verzameling bijna niet te tellen. Ach, eentje kan er nog wel bij.

Mijn oudste zoon mis ik en de kopjes koffie bij mijn ouders. Een gemis wat we met z’n allen delen. Ik vraag me af of iedereen zo’n lege plek vanbinnen voelt nu die normale contacten zijn weggevallen? Dit weekend was de vriendin van mijn oudste zoon jarig en normaal gesproken plannen we dan toch iets en pakt mijn man met zorg en liefde een pakje in om mee te nemen voor de jarige. Een zorgvuldig uitgezocht pakje thee en andere geschenkjes waar de waarde vooral ligt in de zorg waarmee het uitgezocht wordt. Denk dat iedereen in een groot deel van de wereld nu even stilgezet wordt bij het kostbare van familie en vriendschapsbanden. Even die knuffel kunnen geven, even die arm om elkaars schouder… zo kostbaar. Even een berichtje naar een vriendin….

Dat met zorg inpakken, dat zit in mijn man zijn genen want ook wij worden regelmatig verrast door mijn schoonmoeder met een met heel veel liefde samengesteld pakje, zelf gekookte maaltijden en noem maar op. Vorig weekend wilden mijn schoonouders iets bespreken en keurig op afstand zaten we in de tuin. Gelukkig was de wind niet zo guur als het afgelopen weekend. Mijn schoonvader had voor mij een prachtig exemplaar meegenomen van Decamarone, met de woorden dat als ik De Pest aan het lezen was ook deze niet mocht ontbreken. De illustraties zijn echt schitterend.

Ook over mijn schoonfamilie maak ik me veel zorgen. De zorg rond mijn zoon en mijn broer is uitstekend geregeld. De zorg rond mijn zwager is een continu gevecht met mijn schoonouders in de frontlinie. Wat hem betreft wil ik niet teveel details geven omdat ik me daartoe niet gemachtigd voel. Maar de situatie is heel verdrietig en heel onzeker. Het is zo frustrerend om niets te kunnen doen om te helpen. En ook schokkend dat in ons welvarende landje er dus nu niet alleen een tekort is aan beademingsapparatuur en ic plekken maar er ook buiten epidemieën om er mensen tussen wal en schip vallen.

Kokkerellen

Geconcentreerd aan het werk

Gisteren een paar gezellige uurtjes doorgebracht met mijn zoon.

Voordat ik naar zijn kamer liep had de begeleidster mij even bijgepraat over hoe het de afgelopen dagen gegaan was. ‘Je ziet hem met de dag groeien, zo mooi om te zien.’ Blij liep ik met mijn vers gezette koffie naar boven. Een fijne start van de middag met zulke goede berichten.

‘Zullen we weer frietjes gaan eten,’ vroeg mijn zoon nadat we elkaar begroet hadden. De frietjes waren vorige week duidelijk in de smaak gevallen. ‘Prima,’ antwoordde ik. We kletsten even en hij liet een paar filmpjes zien. ‘Ik wil ook weer graag naar de kapper,’ vertelde hij tussendoor. ‘Weer bij dezelfde kapper?’ glimlachte ik. Hij knikte enthousiast. ‘Ze zijn daar zo aardig en ik kan gewoon mijn Ipad meenemen.’ Via internet maakte ik een afspraak voor volgende week, dat gaat zo gemakkelijk tegenwoordig. Ondertussen kwam de begeleidster binnen met zijn medicijnen. Zijn eetlust smolt als sneeuw voor de zon net als het oorspronkelijke plan om in het winkelcentrum frietjes te gaan eten. ‘Nu heb ik geen honger meer,’ merkte hij op. ‘Zo snel werkt medicatie niet hoor,’ zei ik. De begeleidster en ik keken elkaar even aan en ze vertelde dat het wel veel beter gaat met het eten. Wel op hele wisselende tijden maar omdat hij onder zijn gewicht zit en medicatie gebruikt die zijn eetlust remt, maakt dat niet uit, als hij maar eet. Thuis at hij ook het liefst alleen.

Na een paar minuten veranderde hij van gedachten, hij wilde wel een eitje bakken in plaats van naar de patatzaak. ‘Leuk,’ reageerde ik enthousiast. Een half uur filmpjes kijken over Minecraft via Youtube is voor mij al meer dan genoeg om wat actievers te willen doen.

Pop Ender moest natuurlijk mee, plus zijn deken en Ipad en zoonlief wilde zich eerst heerlijk op de bank nestelen. ‘Je moet me wel helpen hoor,’ vertelde ik hem. ‘ik weet echt niet waar alles staat.’ Nu ben ik op mijn werk wel gewend om in allerlei keukenkastjes te zoeken maar dat weet mijn zoon niet. Bereidwillig kwam hij helpen. Omdat je bij het koken allebei je handen nodig hebt werd Ender aan de kant gelegd. Vanuit hygiënisch oogpunt wel een prettige bijkomstigheid.

‘Wat is jouw recept voor een omelet,’ vroeg ik? Geroutineerd pakte hij een kom, ontbijtspek en de eitjes en ging aan de slag. Eén van de eitjes sneuvelde op grond maar de rest kwam keurig in het schaaltje terecht. Onverstoorbaar ging hij verder met zijn recept, nu hij eenmaal bezig was had hij er duidelijk plezier in. Ondertussen ruimde ik het gesneuvelde eitje op en warmde de vloeibare boter alvast op, tenslotte moet je de taken een beetje eerlijk te verdelen. Toen de boter begon te walmen gaf mijn zoon aan dat hij dat pas warm maakte als hij klaar was met klutsen en moest lachen toen ik vertelde dat ik thuis heel vaak de olie aan laat branden omdat ik ondertussen andere dingen doe. Dit tot ergernis van mijn lief die een hekel heeft aan de geur van te warme olie. Gelukkig kon deze boter nog worden gered en even later sisten de eitjes in de pan. Op de aanrecht lag een zak met knapperige bolletjes waarvan de begeleidster had gezegd dat iedereen mocht pakken als ze trek hadden. Ze had ze gekregen van de bakkerij, heel aardig. Mijn zoon liet zich een bolletje zonder beleg goed smaken en ook de twee bruine boterhammen met ei gingen er even later goed in. Fijn om hem zo goed te zien eten en veel voedzamer dan frietjes. Later ruim ik onze rommel een beetje op en maak een praatje met één van de andere jongens die buiten in de tuin bezig is met de begeleidster en me begroet met een high five als hij binnenkomt.

Als later de deurbel gaat doet mijn zoon open. ‘Misschien een begeleider?’ denkt hij hardop Maar nee het is één van de andere jongens die zojuist met een busje thuis is gebracht van school. ‘Hoe gaat het met u?’ vraagt hij. ‘Prima,’ lach ik naar hem, ‘en jij? Leuke dag gehad op school?’ Hij knikt opgewekt en loopt ook de tuin in. De zon lokt.

Mijn zoon wil ook graag weer leren. Niet in een klas, dat durft hij nog niet aan. Maar hij is zelf al begonnen in het boek Palmen op de Noordpool door Marc ter Horst. Nu wordt ook mijn kennis regelmatig bijgesteld en weten we nu bijvoorbeeld allebei dat ook bacteriën een aandeel hebben in de opwarming van de aarde, altijd interessant om te weten. Volgende week is er weer een overleg met leerplicht die meedenken over hoe het onderwijs het beste vorm kan krijgen. Zelf heb ik ook al op internet rondgekeken maar het valt niet mee om iets te vinden wat aansluit. Dus houden we het voor nu nog even bij boeken over de aarde, over dino’s en het heelal. Naast wat hij leert van het omgaan met de andere jongens en het oefenen in zelfredzaamheid.

De uurtjes vliegen voorbij en het was toch wel een intensieve dag voor mijn zoon. Na lunch zijn we nog een rondje wezen lopen en we zitten afwisselend op zijn kamer en beneden in de huiskamer. ‘Vindt je het erg om naar huis te gaan?’ vraagt hij tegen half drie. ‘Dat is prima hoor,’ antwoord ik, dat is wel fijn dan ben ik op tijd thuis.

In de bus en de trein doezel ik telkens weg. Niet alleen voor mijn zoon is het een intensive dag geweest blijkbaar, geen bezoek is hetzelfde.

Gevolgen

Lezen op
het perron.
Ergens een
fluitje horen,
vaag opmerken
dat de deuren
sluiten en dat
je trein vertrekt,
zonder jou!

Lezen in de
tweede klasse.
Rustig opgaan
in een verhaal,
de bladwijzer
aanreiken bij
controle in
plaats van
je ov pas.

Lezen en
opmerken dat
je bestemming
een vertrekpunt
is voor nieuwe
reizigers, die
al instappen
terwijl jij
nog zit.

door: ARK